Prinsjesdag 2021: de belangrijkste veranderingen voor HR- en salarisprofessionals

22 september 2021

De hoge hoeden, nette pakken en imposante paarden mochten weer van stal. Want op 21 september 2021 zijn tijdens Prinsjesdag traditiegetrouw de Miljoenennota en het Belastingplan 2022 gepresenteerd. Daar waar we vorig jaar nog te maken hadden met veel onzekerheid en rekening hielden met sombere scenario’s, is de toon dit jaar beduidend positiever. Onze economie herstelt sneller dan verwacht. Daarnaast zijn klimaatverandering, de aanpak van criminaliteit en de krapte op de woningmarkt voor het komende jaar de belangrijkste aandachtspunten.

Maar ook op de arbeidsmarkt staan we voor grote uitdagingen. Er zijn momenteel meer vacatures dan werklozen en het aantal faillissementen is historisch laag. Toch zeggen cijfers niet altijd alles, zoals ook de demissionair Minister van Financiën gisteren aangaf. Om meer inzicht te krijgen in alle gevolgen van de nieuwe nota voor HR- en salarisprofessionals deelt Ralph Koks, arbeidsjurist bij SD Worx, vijf belangrijke wijzigingen.

1. Introductie onbelaste thuiswerkkosten-vergoeding

In de nasleep van de pandemie wordt een onbelaste vergoeding voor thuiswerkkosten geïntroduceerd. Deze vergoeding bedraagt maximaal € 2 per thuiswerkdag van een werknemer. Daarnaast blijft de onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer van maximaal € 0,19 per kilometer bestaan. Werkgevers kunnen per dag óf de thuiswerkkostenvergoeding óf de reiskostenvergoeding geven; beide vergoedingen kunnen niet op dezelfde dag worden verstrekt.“Stel dat een werknemer op dezelfde dag vanuit huis werk en naar kantoor komt, dan moet een werkgever kiezen welke vergoeding hij of zij geeft”, vertelt Koks. “Ook bestaat de mogelijkheid om vaste afspraken te maken over het aantal thuiswerkdagen. Dan hoeven feitelijke situaties niet per dag geregistreerd te worden. Vergoeden op basis van werkelijke dagen is natuurlijk ook mogelijk, maar dat zorgt voor meer administratief werk.”

2. Stimuleren positie in de arbeidsmarkt

Het aantal vacatures ligt historisch hoog in ons land. Om op de veranderende arbeidsmarkt en het tekort aan talent in te spelen, kunnen mensen in 2022 gebruik maken van het STAP scholingsbudget. STAP is de afkorting voor ‘Stimulering Arbeidsmarktpositie’. Werkenden en niet-werkenden kunnen vanaf 1 maart 2022 tot een maximum van € 1.000 aanvragen voor een scholingsactiviteit. 

Het STAP-budget staat los van een arbeidsrelatie. Dit betekent dat het scholingsbudget beschikbaar is voor iedereen: niet alleen werknemers, maar ook zelfstandigen en werkzoekenden kunnen hier gebruik van maken. Deze doelgroepen kunnen via het crisispakket NL Leert Door daarnaast kosteloos ontwikkeladvies en scholing volgen. Koks: “Een bijzondere stap met de mogelijkheid om een positieve impuls te geven aan de arbeidsmarkt.”

3. Tegemoetkoming kleine werkgevers loondoorbetaling bij ziekte

Veel kleine werkgevers ervaren uiterst negatieve gevolgen van de kosten van een zieke werknemer. Daar moeten een aantal nieuwe maatregelen verlichting bieden. Deze maken de loondoorbetalingsverplichting voor kleine werkgevers namelijk makkelijker, duidelijker en goedkoper. Een belangrijk onderdeel van dit pakket is het verlagen van de kosten van arbeidsongeschiktheid voor werkgevers. Door de gedifferentieerde premie betalen kleine werkgevers minder Aof-premie dan grote werkgevers en deze regel geldt vanaf 1 januari 2022. 

Structureel is er 450 miljoen euro beschikbaar gesteld voor kleine werkgevers, met 300 miljoen euro extra beschikbaar in 2022 en 150 miljoen euro in 2023. Dit geld kunnen kleine werkgevers gebruiken om zich goed te verzekeren, bijvoorbeeld door het afsluiten van de MKB Verzuim-ontzorg-verzekering. Koks: “Nu de noodsteun voor ondernemers stopt, is het zaak om bedrijven sterker te maken in hun basis. Met het vrijgekomen geld kunnen zij beter reageren op onvoorziene omstandigheden, wat hun flexibiliteit en aanpassingsvermogen vergroot.”

4. Herzieningsregeling WW-premie weer van toepassing

Om te voorkomen dat contracten die aan de voorwaarden van de lage premie voldoen, zoals vaste contracten, toch als flexibele arbeid worden ingezet, zijn in de wet bepaalde uitzonderingen opgenomen. Bij deze uitzonderingen, de zogeheten herzieningssituaties, dragen werkgevers met terugwerkende kracht alsnog de hoge premie af. Eén van deze situaties is dat een werknemer binnen een kalenderjaar 30 procent of meer uren overwerkt. Vanwege de coronacrisis was deze uitzondering opgeschort. In 2022 treedt deze echter weer in werking.

5. Transparanter en persoonlijker pensioenstelsel

Het kabinet werkt verder aan een evenwichtig pensioenstelsel. Het nieuwe pensioenstelsel moet transparanter en persoonlijker worden. Het moet beter aansluiten bij de ontwikkelingen in de maatschappij én op de arbeidsmarkt. Daardoor krijgen deelnemers meer inzicht in welke premie er wordt ingelegd, het persoonlijk pensioenvermogen en hoeveel pensioen zij daarmee kunnen verwachten. Er is geen sprake meer van de opbouw van aanspraken, maar van persoonlijk vermogen. 

Doordat verschillende risico’s gerichter worden gedeeld, zijn pensioenuitkeringen minder gevoelig voor rentedalingen. Daarnaast wordt het nabestaandenpensioen gestandaardiseerd, waardoor risico’s voor de deelnemers worden verkleind. Deze afspraken zijn uitgewerkt in wetgeving die naar verwachting begin 2022 wordt ingediend bij de Tweede Kamer. Het streven is om deze wetgeving uiterlijk op 1 januari 2023 in werking te laten treden.

“De derde dinsdag van september biedt ons een klein inkijkje in wat we kunnen verwachten in het komende jaar. Niet alleen als HR- en salarisprofessionals, maar ook als inwoners van Nederland. Toch blijven sommige punten onzeker vanwege de pandemie en de aanhoudende kabinetsformatie. Desalniettemin laten we een veerkrachtig land zien en dat geeft vertrouwen voor de verdere toekomst, met passende maatregelen om duurzame groei in alle sectoren te stimuleren”, besluit Koks.

Al het nieuws over Prinsjesdag 2021 is te lezen in dit magazine